• Menu
  • Home
  • Zoek

Kwarts (kristallijn siliciumdioxide)

Arbocatalogus_beton_Risico_KwartsHet nathouden van het terrein is belangrijk. Het voorkomt kleine kwartshoudende stofdeeltjes.

Wat is kwarts?

Kwarts is een type kristallijn siliciumdioxide en zit in zand en in de meeste natuurlijke gesteenten, dus in veel bouwmaterialen. Als er meer dan 1,5% kwarts in een materiaal zit, spreekt men van kwartshoudend materiaal. Het kwartsgehalte verschilt per soort (natuur)steen of bouwmateriaal. Beton bestaat voor circa 20-30% uit kwarts en bij de productie van betonproducten en betonmortel zal een deel hiervan als respirabel kristallijn kwartsstof in de omgevingslucht komen. Respirabel kristallijn kwartsstof is heel fijn stof, dat niet of nauwelijks te zien is. Het bestaat uit hele kleine, onoplosbare stofdeeltjes die bij inademen diep in de longen terechtkomen.

Hoe wordt je blootgesteld aan kwartsstof?

Er zit kwarts in de grondstoffen die gebruikt worden voor het maken van betonmortel. Dit houdt in dat niet alleen bij het bewerken van uitgehard beton kwartsstof kan vrijkomen, maar ook al tijdens de productie bij handelingen als afwegen en mengen van de droge grondstoffen van beton. Vooral bij het werken in slecht geventileerde binnenruimten kan de concentratie respirabel kristallijn kwartsstof hoog oplopen. Naast het kwartsgehalte en de bewerkingsmethode hebben de samenstelling en de aard van het materiaal invloed op het vrijkomen van kwartsstof. Bij het mechanisch bewerken van harde materialen komt bijvoorbeeld meer stof vrij dan bij het bewerken van zachte materialen. Ook de wijze van schoonmaken (vegen, nat schoonmaken, perslucht of zuigen) is van invloed op de hoogte van de concentratie kwartsstof op de werkplek.

Wat zijn de gevolgen voor de gezondheid?

Het inademen van heel kleine kwartshoudende stofdeeltjes kan ernstige longaandoeningen veroorzaken. De kleine stofdeeltjes, het respirabele stof, dringen diep door in de longen. Daar kunnen de kwartsstofdeeltjes bindweefselvorming veroorzaken. Dat wordt longfibrose of ook wel stoflongen (of silicose) genoemd. Het longweefsel kan dan minder zuurstof opnemen en wordt minder elastisch. Dat kan betekenen dat werknemers bij inspanning kortademig en benauwd worden, gaan hoesten en last krijgen van pijn op de borst. Hoe meer stof is ingeademd, hoe meer schade er ontstaat en die schade is niet meer te herstellen. De beschadiging van de longen gaat namelijk door, ook al is er geen blootstelling meer aan kwartsstof. Het kwarts is dan namelijk nog in de longen aanwezig. Het verraderlijke is dat de meeste mensen er in eerste instantie niet eens zoveel van merken, pas op latere leeftijd krijgt men er echt last van. Kwarts is ook opgenomen op de lijst van kankerverwekkende stoffen, blootstelling eraan kan longkanker veroorzaken.

Bijna iedereen die werkzaam is bij een betonmortelcentrale heeft te maken met stof, zowel bij de productie als bij de verwerking van betonmortel. Niet alleen diegenen die zelf met kwartshoudend materiaal werken, maar ook werknemers en derden in hun directe omgeving kunnen worden blootgesteld aan kwartsstof.

Wat zegt de wet- en regelgeving?

Voor de beoordeling van kwartsstof in de inademinglucht is een grenswaarde nodig. De overheid heeft deze vastgesteld op 0,075 mg per m³ lucht bij een 8-urige werkdag. Dat betekent dat een werknemer niet meer dan acht uur per dag aan deze concentratie kwartsstof mag worden blootgesteld.

Te nemen maatregelen

Om te weten of de grenswaarde bij de werkzaamheden in het bedrijf wordt overschreden, kunnen werkgevers een meting laten uitvoeren door daarin gespecialiseerde deskundigen. Voor de betonmortelindustrie heeft de VOBN in overleg met de Inspectie SZW en vakbonden bewust gekozen voor de aanpak via de zogenoemde Goede Praktijken omdat het van belang is voor werknemers dat er een duidelijke een goed hanteerbare situatie wordt aangegeven, die herkenbaar is en bijdraagt aan een gezonde en veilige werkomgeving. Door middel van metingen, zowel onder representatieve als onder de zwaarste omstandigheden is aangetoond dat, mits deze Goede Praktijken worden nageleefd, de potentiële blootstelling aan kwartsstof teruggebracht kan worden tot ruim beneden de grenswaarde voor kwarts en respirabel stof. De betreffende rapporten kunnen hieronder worden gedownload.

PDF icoonVOBN eindrapportage 10 sept 2012 Wim van Alphen (2.1 MB)

PDF icoonRapportage aanvullende stof en kwartsmetingen VOBN december 2014 (1.5 MB)

Op basis van de uitgevoerde metingen[1] is de kans op overschrijding van de grenswaarde voor zowel respirabel stof als voor kwarts berekend. Geconcludeerd kan worden dat alle meetresultaten uitwijzen dat aan de (100%)-norm wordt voldaan met een voldoende kleine kans op norm overschrijding. Bij representatieve omstandigheden wordt 10% van de grenswaarde van kwarts nergens overschreden (reguliere regime). Bij de zwaarste omstandigheden is met het geformuleerde pakket van maatregelen (zwaardere regime) een situatie te creëren die zorgt dat de blootstelling nog ruim onder de grenswaarde blijft.

Beschrijving van de twee werkregimes respirabel kwartsstof

De beschreven goede praktijken bij het reguliere regime zijn toereikend om bij normale weerscondities te voldoen aan de gestelde grenswaarden. Er is nog ruimte voordat de grenswaarden bereikt worden.

Wanneer er echter sprake is van slechtere weersomstandigheden (langdurig droog weer, hogere windsnelheden of vorstperiodes zonder neerslag) ligt de situatie anders. Wanneer dan volgens dezelfde procedures wordt gewerkt als bij representatieve gemiddelde weersomstandigheden, ligt de stofvorming en verspreiding en daarmee de stofblootstelling duidelijk hoger en kan ook de gezondheidskundige grenswaarde worden overschreden.

Daarom zijn twee werkregimes van toepassing, te weten:

  • Het reguliere regime bij een representatief gemiddeld weersbeeld.
  • Bij droge periodes 2 in combinatie met winderig weer (windkracht 5 en hoger)[2], zogenoemde worst case omstandigheden, geldt het zwaardere regime.

De beide werkregimes respirabel kwartsstof dienen aan medewerkers bekend te zijn gemaakt. Iedereen die het terrein betreedt dient op de hoogte te zijn, dan wel te worden gebracht van de spelregels die van kracht zijn bij de beide werkregimes.

Het reguliere regime

  • Zorgen dat er op het terrein geen ophoping van zand en stof optreedt door het terrein regelmatig schoon te spuiten en/of nat te vegen en het overtollige water af te voeren naar bezinkputten.
  • Lage - aangepaste - snelheden van voertuigen, zoals truckmixers, shovels, personenauto's over het terrein en geen bruuske bewegingen van deze voertuigen.
  • Werkruimten mogen niet worden aangeveegd met bezems en/of stoffer en blik, maar dienen nat te worden schoongemaakt dan wel te worden gezogen met behulp van stofzuigers voorzien van een functionerend Hepa-filter.
  • Ramen van voertuigen op de locaties (ook op de bouwplaats) dienen gesloten te worden gehouden.

Het zwaardere regime

Op de betreffende centrale dient voor medewerkers duidelijk kenbaar te zijn dat het zwaardere regime op een bepaalde dag geldt. Bij aanvang dienst informeert de bedrijfsleider de medewerkers over de gewijzigde situatie en de daarbij aanvullende gedragsregels. De aanvullende spelregels naast het reguliere regime zijn:

  • Stapvoets rijden van de voertuigen over het terrein.
  • Ramen en deuren van de werkruimtes gesloten houden (om inwaaien van zand te voorkómen).
  • Terrein en voorraadvakken frequent besproeien.
  • De voorraden (zand en fijn zand) in de voorraadvakken nathouden.
  • Op een zichtbaar rustiger wijze beladen met de kranen (het lossen van schepen en het beladen van de voorraadvakken en het beladen van vultrechters vanuit de voorraadvakken) lage valhoogte aanhouden).
  • Bij langdurig (meer dan 24 uur achtereen) droog weer in combinatie met krachtige wind, moeten de voorraden in de vakken van stuifgevoelige grondstoffen zoals zand laag worden gehouden.
  • Wanneer veel stofvorming vanuit buurbedrijven optreedt, met hen hierover in gesprek gaan.

Bij het zwaardere regime betekent dit dat de productiesnelheid lager kan komen te liggen, omdat met de grijper van de kraan minder snel gewerkt kan worden.

"Binnenactiviteiten" met stofvorming

Dit betreft het werken in het laboratorium, evenals het werken bij de mengers zelf en het handmatig uitbikken van de mengers. Deze activiteiten met bijkomende stofvorming zijn niet afhankelijk van de weersomstandigheden.

Voor het laboratorium geldt dat het overgrote deel van de werkzaamheden bestaat uit "natte" werkzaamheden. Bij het droge werk dient door de wijze van werken stofverspreiding te worden voorkomen door:

  • Bij het gebruik van het zeeftoestel, bronafzuiging naar buiten toe passen, dan wel de afgezogen lucht door een Hepa-filter te leiden.
  • De vloer en tafels in het laboratorium nat schoon te maken en/of te zuigen met een stofzuiger voorzien van een functionerend Hepa-filter.

Reinigen trommel truckmixer

Aan de trommelwand en aan (achter) de schoepen in de trommel van een truckmixer kunnen resten betonmortel blijven kleven en verharden. Deze vervuiling dient zoveel mogelijk te worden voorkomen door een adequate dagelijkse schoonmaakprocedure. In de praktijk kan niet worden voorkomen dat er betonmortel in de trommels achterblijft en aangroeit. Om de aangroei te verwijderen wordt gebruik gemaakt van twee technieken, te weten:

  • Uithakken van de trommel
  • Hogedruk spuitlans

Aan beide technieken kleven duidelijke nadelen. 
Arbeidshygiënisch gezien is het uithakken van de mixertrommel, vooral vanwege het hoge geluidsniveau en vrijkomend stof, onwenselijk.

Het gebruik van een spuitlans is nog in ontwikkeling en vormt (nog) geen goed alternatief. Bij het gebruik van de spuitlans is eveneens sprake van hoge geluidsniveaus (≥ LAeq 105, dBA) en afhankelijk van de opbouw van de trommel moet alsnog een deel worden uitgehakt om de trommel schoon te krijgen. Ook dient er een voorziening te zijn zoals een kraantje om de vultrechter verantwoord te verwijderen en dienen keerschoepen, capaciteitsschoepen e.d. vooraf te worden verwijderd (slijp- en laswerkzaamheden in omsloten ruimte) en vervolgens weer te worden bevestigd.

Binnen het frame van de Arbocatalogus geldt tot 1 juli 2018 het volgende:

  • Indien het beoogde doel – het adequaat reinigen van het inwendige van de truckmixertrommel – kan worden bereikt met werkzaamheden die "op afstand" en/of geautomatiseerd worden verricht, dient daarvan te worden uitgegaan. Indien werkzaamheden worden verricht in de directe nabijheid van de te reinigen truckmixertrommel dient adequate geluidsbescherming te worden gedragen.
  • Overleg tussen fabrikanten van truckmixertrommels op de Nederlandse markt en de firma(s) die de betreffende spuitlans exploiteren wordt door VOBN geïnitieerd met het oogmerk te komen tot een ontwerp (ontwerpen) van truckmixertrommels, dat het mogelijk maakt om het reinigen van de trommel op afstand of geautomatiseerde te doen plaatsvinden.
  • Andere alternatieven voor het uithakken worden eveneens in ogenschouw genomen.
  • In het verlengde van punt 2 wordt verkend of de dagelijkse routine van schoonmaken van truckmixertrommels, al dan niet met aangepaste werkmethoden en/of (geautomatiseerde) technieken, verbeterd kan worden.
  • In de periode tot 1 juli 2018 wordt ingezet om alternatieve methoden voor het handmatig uithakken door betrokken partijen (door) te laten ontwikkelen. Een en ander met het oogmerk dat per 1 juli 2018 het handmatig uithakken van de truckmixertrommel zo veel mogelijk tot het verleden behoort. De truckmixertrommels die dan blijvend niet geschikt zijn voor een alternatief voor het handmatig uithakken, dienen te worden uitgefaseerd, d.w.z. dat deze niet meer mogen worden vervangen door trommels die niet op alternatieve wijze te reinigen zijn.
  • De ontwikkelingen m.b.t. de hiervoor genoemde punten 2, 3 en 4 zullen in het paritair overleg met vakbonden en Inspectie SZW worden geëvalueerd.

Handmatig uitbikken van mengers en truckmixertrommels

In voorkomende gevallen, wanneer de reinigingswerkzaamheden niet "op afstand" of geautomatiseerd gedaan kunnen worden, d.w.z. dat er handmatig moet worden uitgehakt, dient toereikende gehoor- en ademhalingsbescherming te worden gebruikt en dient te worden gewerkt volgens veiligheidsinstructies.

De werkgever dient de juiste gehoor- en ademhalingsbeschermingsmiddelen te verstrekken. Voor de uithakwerkzaamheden dient wat betreft ademhalingsbescherming minimaal te worden uitgegaan van lucht aangedreven halfgelaats- dan wel volgelaatsmaskers (TM3P).

In artikel 8.1 Arbobesluit wordt aangegeven dat een persoonlijk beschermingsmiddel zoals adembescherming in alle gevallen afgestemd moet zijn op de ergonomische eisen en de vereisten met betrekking tot de gezondheid van de werknemers. Om deze eisen en vereisten te kunnen beoordelen dient de werknemer voorafgaande aan het gebruik van adembescherming een medische keuring of beoordeling te worden aangeboden als onderdeel van een PMO.

Bij het gebruik van de ademhalingsbescherming dient aandacht aan de omkleedprocedure te worden geschonken: eerst de stoffige kleding uit en daarna pas de ademhalingsbescherming af.

[1] Als referentienorm is gekozen voor de NEN 689 - Leidraad voor de beoordeling van de blootstelling bij inademing van chemische stoffen voor de vergelijking met de grenswaarden en de meetstrategie.
[2] Perode van enkele dagen zonder neerslag van betekenis
[3] Een vrij krachtige wind of windkracht 5 op de schaal van Beaufort komt overeen met een 10-minuut gemiddelde windsnelheid van 29 - 38 km/uur (8,0- 10,7 meter per seconde). In een vrij krachtige wind waait stof gemakkelijk op zodat het hinderlijk kan zijn voor de ogen.